Spanking Forum » Verhalen Forum » Aanbevolen ‘vrije’ SM Verhalen » Leugentje om bestwil
« Vorig verhaal Volgend verhaal »

 

Een verhaal van:  
Isabelle


  Nieuw lid


Beoordeling: 
Vind je dit verhaal erg goed
of juist niet
geef dan hier je waardering:
 (Waardeer!)
Aantal waarderingen tot nu toe: 10

Gepost op vrijdag 24 mei 2013 - 01:47 pm:       


Leugentje om bestwil



Isabelle gaat een avondje op stap met een vriendinnetje.



Soms komen er van die vragen in me op. Waarom kruidenplantjes van de Albert Heijn nooit langer dan twee dagen overleven op mijn aanrecht. Waarom mijn zwarte kater altijd precies op het witte shirtje gaat liggen dat ik vanavond aan wilde trekken. En waarom mijn mond automatisch een beetje openstaat wanneer ik mijn wimpers zwart maak.
Ik neem het laatste waar in de spiegel, via mijn omhoog gerichte oog terwijl ik mijn mascara lekker dik aanzet. Wat maakt het uit, het eindresultaat telt en mijn rokerige ogen zijn best indrukwekkend gelukt. Het is vrijdagavond en ik ga vanavond met een vriendin weg. Eigenlijk doe ik dat te weinig, sinds hij in mijn leven is gekomen. Hij heeft nogal het vermogen om, hoe zal ik dat zeggen… me op te eisen. Me te ontbieden op momenten dat het hem schikt. En dan ook niet zoveel waarde te hechten aan eventuele andere afspraken die ik in mijn agenda had staan.
Eerlijk is eerlijk, ik geniet er van als hij me opdraagt te komen. Als hij tijd voor me maakt. Zijn volle aandacht op me los laat. Ik bloei op en voel me gezien. Maar tegelijkertijd zorgt dat er wel voor dat mijn ongecompliceerde avonden met vriendinnen schaars zijn. Te schaars. En terwijl ik mijn hakken onder mijn strakke zwarte panterprint goedkeur in de spiegel, neem ik me voor om deze avondjes vaker in te plannen. Daar word ik gelukkig van tenslotte. En dat dient hem. In a way.

The Pretender moet hard. Heel hard zelfs. En gelukkig kunnen de boxjes van mijn auto de Foo Fighters goed aan. De tekst spoort me aan om net iets harder en feller te rijden dan ik normaal doe. Mijn telefoon licht op. Meneer Z.

[Ik wil dat je vanavond hier slaapt. Ik heb zin in je.]

Pfff. Het past zo niet in mijn plannen. Niet vanavond.

-[Ik ben onderweg naar afspraak met een vriendin. Heb er erg zin in. Zal ik morgen naar je toekomen? Ontbijtje?] tik ik terug.

[Je bent toch niet aan het rijden, Isabel?]

Shit. Ik ken zijn afkeer tegen rijden en sms-en. Daar staan strenge straffen op, die heb ik al eens pijnlijk ervaren.

-[Ik sta stil. Net klaar met tanken.] lieg ik. Om bestwil, een kleintje.

[Kom na je avondje. Ik wacht op je.]

-[Kan wel laat worden. Is dat niet erg?]

[….dat merk je dan wel.]

Mijn buik kriebelt intens. Ik heb ook zin in hem, merk ik.

[Meld je ieder uur per sms. Ik wil vanavond in je hoofd zijn.]

Het past niet in mijn vooruitzicht van een zorgeloze avond, maar zijn opdracht is duidelijk.


“Och, doe er nog maar eentje,” zegt mijn vriendinnetje gul tegen de ober die met de fles Veltliner bij onze tafel staat.
Het gaat prima samen met het plateau oesters dat zojuist tussen ons is neergezet. Ik knik ook, waarop mijn glas voor de tweede keer wordt gevuld. Ik had met een taxi moeten gaan, denk ik schuldbewust.
“Ik zoek even het toilet op.”
Mijn vriendin wijst met een zielige blik op de oesters: “Straks smelten ze.”
Ik glimlach en baan mijn weg tussen het iets te hippe publiek dat deze Amsterdamse loungebar blijkbaar aantrekt. Zien en gezien worden. Gelukkig ben ik er op gekleed. De cijfertjes op mijn Iphone vormen een geruststellend tijdstip. In lijn met mijn afspraak met Z.

-[Hier ben ik dan.]

Het duurt niet lang voordat zijn antwoord verschijnt.

[Knap meisje. En zo op tijd. Waar is ‘hier’?]

-[Momo. Ik zit aan de oesters ]

[Charmant idee. En aan de wijn, I presume. Wat heb je aan?]

Hij is in een goede bui, dat is een fijn vooruitzicht.

-[Raad maar…]

[Denk erom.]

Ik maak snel een foto met mijn toestel en druk op zend.

[Sexy. Ik hoop dat het heel blijft als ik je vanavond uitpak.]

Mijn onderbuik trekt heerlijk samen. Gek hoe zijn woorden, zelfs als ik ze alleen maar lees, zo’n effect op mijn lichaam kunnen hebben. Ik staar nog wat langer naar mijn telefoon om te zien of hij nog een bericht stuurt, maar het blijft stil. Jammer.

Ik ben blij dat ze me, al is het giechelend en ietsje zwalkend, ondersteunt over de kleine steentjes van dit drukke plein, waar mijn puntige hakken steeds in vast blijven zitten. De rekening was fors te noemen. Voor exclusieve minihapjes en opgeteld toch flink wat glazen wijn. Maar ach. Het was lekker en gezellig. Ik moet me weer even melden, het is bijna tijd.
“Isabel. We gaan naar het casíno!”
Mijn vriendin staat voor de ingang van het staatscasino en lijkt behoorlijk enthousiast over haar voorstel. Ze kijkt met een ondeugende glinstering naar het logo op de pui. Het werkt aanstekelijk, maar ik twijfel. We hebben het er nooit over gehad, maar ik kan wel een inschatting maken van hoe mijn Z denkt over gokken.
“Belletje” zeurt ze, “kom nou!”
Ik zwicht en stap met haar mee naar binnen. Het is eigenlijk best prima. Op de eindeloze rijen van luidruchtige gokkasten na. En ze schenken redelijke wijnen per glas. Ik heb zojuist bedacht dat ik mijn auto in de parkeergarage laat staan en een taxi naar zijn appartement pak vanavond. Tevreden over dit verstandige besluit bestel ik een mooi glas rood voordat ik een rustig hoekje op zoek om me bij mijn Z te melden.

-[Hier ben ik weer.]

[Keurig.]

Het schermpje blijft donker. Is het al klaar? Ik wil meer. Een compliment. Een voornemen. Een waarschuwing. Iets dat mijn buik weer doet kriebelen.

-[Ben in een casino… ] tik ik in, twijfel even, maar druk dan op zend.

[Ik vertrouw erop dat je mijn grenzen kent en respecteert, Isabel.]

Niet wat ik verwacht had. En ik merk aan mijn onbevredigde gevoel dat het ook niet is wat ik had gehoopt. Ik stop mijn telefoon weg en ga op zoek naar mijn vriendin. De roulettetafel, natuurlijk. Ze heeft haar eerste schijfjes al gelegd en is flirterig in gesprek met een wat oudere man die met honderden euro’s tegelijk speelt; stapeltjes op hele cijfers. Gedurfd.
“Je moet even om een kleur vragen,” moedigt ze me aan.
Ik haal een briefje van vijftig uit mijn portemonnee. Het is niets vergeleken met de stapeltjes die aan deze tafel gespeeld worden, maar ik leg toch stoer mijn paarse fiches neer.

“Je hebt er gevoel voor,” zegt een mannenstem, terwijl ik mijn winst naar me toe schuif.
Ik draai me om en kijk in de ogen van een aantrekkelijke man. Ik knik vriendelijk maar afrondend en ga verder met mijn spel, dat inderdaad –dankzij een tip die ik ooit van iemand kreeg- tot nu toe bijna iedere ronde winst oplevert.
“Als je weer wint krijg je een drankje van me,” belooft de man.
“Wek ik de indruk dat ik een beloning nodig heb?” informeer ik.
“Dat niet,” glimlacht hij “maar je speelt nogal behoudend, dus een drankje kan denk ik geen kwaad.”
Ik kijk opnieuw in zijn ogen. Leuk, twinkelend.
“Zeg. Is er niet een soort ongeschreven regel dat je winnende mensen niet mag afleiden?” bits ik.
Hij houdt zijn hand quasi verontschuldigend omhoog en wenkt de ober.
“Je bent mooi,” zegt hij terwijl hij mijn beloning aanreikt.
“Dank je wel.”
Ik tik mijn glas tegen het zijne om te toosten op mijn overwinning.

De stapel paarse fiches is groter dan waarmee ik begon en mijn hoofd is een beetje troebel van de wijn, dus ik vind het een mooi moment om te stoppen. Ik kan mijn vriendin niet vinden. Blijkbaar is ze ergens anders haar geluk gaan beproeven. De oudere man met wie ze in gesprek was zie ik ook niet meer aan onze tafel. Ik was ook zo vol in gesprek met mijn gulle beloner van inmiddels meerdere drankjes, dat ik waarschijnlijk heb gemist dat ze de tafel verliet.
“Nog ééntje?” vraagt mijn gezelschap met een verleidelijk lachje rond zijn lippen.
Ik schud mijn hoofd.
“Nee echt niet. Maar dank voor je tips en aanmoediging. Het heeft vast geholpen.”
Hij houdt zijn hoofd een beetje schuin.
“Je nummer dan?”
Ik glimlach. En schud opnieuw mijn hoofd.
“Jammer.”
Hij zegt het zo oprecht en warm dat ik me naar hem toebuig en hem een afscheidskus op zijn wang geef. Hij beantwoordt met een zachte kus op mijn hand.

Niet bij de tafels. Niet in de toiletten. Niet in de bar. Ik verwacht haar ook niet tussen de speelautomaten maar loop er toch een rondje doorheen. Ik vis mijn telefoon uit mijn tas om haar te bellen en zie ineens dat ik te veel laat ben voor mijn check-in bij Z. Hij is niet vergeten want ik heb twee berichten van hem ontvangen.

[tik tak, tik tak]

[Dit zou zo maar eens het laatste vriendinnenavondje van Isabel kunnen zijn.]

Z’s berichten zijn zo’n tien minuten geleden verstuurd en over de laatste maak ik me zorgen. Hij zal me dit soort avonden toch niet echt gaan verbieden? En ga ik dat dan toestaan? Wil ik dat zijn invloed zo ver gaat? Of ligt hier mijn grens?
Ik moet een goede reden hebben waardoor ik me te laat meld. Dat is de beste optie, dan is het hele issue er niet. Ik ben nu ruim een kwartier later, dat is best acceptabel als je je vriendin kwijt bent omdat ze eh… ziek is geworden. Heel vervelend ziek. En omdat ik haar naar huis heb moeten brengen. Het is niet helemaal waar, ik besef het, maar mijn vingers zijn sneller dan mijn geweten.

-[Sorry! Was vriendin kwijt. Is heel ziek geworden, breng haar nu naar huis. Kom dan naar jou.]

En dan snel er achter aan:
-[Met mij gaat het goed, geen zorgen. Tot zo.]

Het blijft lang stil. Net voordat ik ga invullen wat deze stilte kan betekenen is zijn antwoord er.

[Kan ik iets doen? Jullie ophalen? Taxi sturen?]

De mannelijke behoefte om te fixen. Ik had erop voorbereid moeten zijn.

-[Nee, ben al onderweg met haar.] Ik lieg, weer.

[Ok. Ik zie je zo. Pas op jezelf.]

Ze zit gewoon bij blackjack. En ze is niet ziek, of course. Wel aangeschoten. Het kost me flink moeite om haar te overtuigen naar huis te gaan. Het helpt dat ze twee rondes verliest. Het zit vanavond niet mee. De mevrouw achter de balie bij het inwisselen van fiches is uiterst traag, er staat een rij voor de garderobe en ook nog een bij de taxistandplaats.
Mijn vriendin is een beetje verbolgen over mijn plotselinge haast om een einde aan onze avond te maken, maar ze laat zich desondanks braaf in haar taxi zetten. Ik maak het later wel goed met haar, mijn focus is nu om zo snel mogelijk naar hem toe te gaan. Als het eindelijk mijn beurt is om in een taxi te stappen zie ik dat de totale aftocht bijna een uur heeft geduurd. Er is geen bericht van Z op mijn telefoon. Dat lijkt me een goed teken.

Ik heb geen sleutel van zijn appartement, hij wel van het mijne. Er zijn momenten geweest dat ik die ongelijkheid ter sprake bracht, maar het leidde niet tot uitleg of verandering dus ik heb me erbij neergelegd. Hij opent zijn deur en omhelst me. Dan duwt hij me iets terug, pakt mijn kin en kijkt me even intens aan.
“Is het goed gegaan?”
Ik knik, zijn vingers rond mijn kin bewegen mee.
“Weet je dat zeker…. Isabel?”
De ‘dat’ in zijn vraag en de manier waarop hij mijn naam uitspreekt, met nadruk en zijn hoofd ietsje schuin, doet me aarzelen. Zijn ogen blijven onafgebroken staren in de mijne. Ik word er zenuwachtig van. Waar wil hij naartoe? Wat weet hij of denkt hij te weten? Zijn greep rond mijn kaak verstrakt. Hij verwacht iets van me. Dat ik iets zeg? Ik weet niet zo goed wat. Ik open mijn mond om opnieuw te zeggen dat alles goed is gegaan, maar hij heft zijn vinger.
“Ik raad je aan om heel goed na te denken over de woorden die je kiest, Isabel. Er is een grens aan de onzin die ik uit jouw mond wil horen. En als die grens is bereikt zorg ik ervoor dat je niet meer kúnt praten.”
Ik huiver. Hij heeft me ooit de mond gesnoerd, in de periode dat onze relatie nog de prille energie van wederzijds onderzoeken kende waarin hij ook mijn grenzen opzocht en waar nodig respecteerde. De herinnering aan dat wanstaltige apparaat. Zo onterend, zo onvrouwelijk dat ik de hele sessie niet anders kon dan huilen en hij daarna bezwoer het nooit meer te gebruiken. Dat meent hij toch niet echt. Ik mag toch ook mijn grenzen hebben?
Ik zoek koortsachtig naar het stopwoord dat we ooit eens benoemd hebben. Ik weet het niet meer. Het zit weggestopt in een lang niet gebruikt deel van mijn geheugen. Ik zwijg. Het lijkt me beter voor dit moment. Hij laat mijn kin los en trekt me mee zijn woonkamer in, naar het midden van zijn kleed. Mijn plek. De plek die ik kan uittekenen door de vele uren die ik er heb doorgebracht. Staand, knielend, bukkend. Bestraft, bekeken, bemind. Hij wijst naar de grond. Ik heb genoeg aan zijn korte aanwijzing en ga voorzichtig rechtop op mijn knieën zitten.
“Blouse uit,” commandeert hij zacht.
Ik ontknoop de stof en reik het hem aan. Met een sierlijk boogje gooit hij mijn blouse naar de bank. Zou ik eens moeten proberen. Zijn gestalte is imponerend groot vanuit mijn positie wanneer hij voor me gaat staan. Hij trekt mijn haar naar achteren zodat ik hem moet aankijken.
“Ik wil dat je nadenkt over vanavond. Neem je tijd. Als je er aan toe ben om iets zinnigs te zeggen dan steek je je vinger op.”
Ik slik het commentaar dat in me opkomt weg.
“Is dat duidelijk, Isabel?” Hij verheft zijn stem lichtjes.
Is hij boos? Ik knik gedwee, leg mijn handen dan op elkaar tegen de bovenkant van mijn billen, recht mijn schouders en sla mijn ogen neer. Zoals hij het wil.

Mijn plek en mijn zicht op de patronen in zijn kleed brengen rust. Soms betrap ik mezelf erop dat ik hoop dat hij me hier even neerzet voordat hij met me aan de slag gaat. Een moment van nadenken. Alhoewel mijn gedachten op dit moment alle kanten op gaan. Ik herken dat van de keren dat ik een serieuze poging ondernam om te mediteren. Elke keer als ik me probeer te focussen om stapje voor stapje de avond af te gaan poppen er hinderlijke zijpaadjes in mijn hoofd op. Isabel, spreek ik mezelf streng toe, concentreer je. Wat kan hij weten over mijn avond? Waar wil hij naartoe vanavond.
En ineens besef ik het. Hij weet niets natuurlijk. Het is mijn eigen onzekerheid over de avond die hij leest in mijn houding en oogopslag. Ik ga onze sms-wisseling af om bevestiging te zoeken voor mijn theorie en kom tot de conclusie dat het klopt. Ik ben het zelf. Ontevreden over mijn leugentjes, hoe slim ze ook leken op het moment dat ze mijn vingers ontsnapten. Het voelt niet goed. Ik wil hem niet ongehoorzaam zijn. Of nou ja, dat misschien wel, maar niet als het onopgemerkt en daarmee onbestraft blijft. Ik wil dat hij me doorziet en me op tijd bij de grens vandaan trekt.
Voorzichtig steek ik mijn vinger op.

……..............................................

Hij reageert niet. Ik voel het bloed tintelend uit mijn omhoog gestoken arm trekken. Ik maak me zorgen over hoe lang ik mijn vinger nog in de lucht kan houden. Laten zakken is geen optie. Ondersteunen met mijn andere hand ook niet. Oogcontact zoeken lijkt me niet gepast in de fase waarin we zijn beland, laat staan dat ik hem aanspreek. Ik focus me op de contouren in het kleed, in een poging mezelf af te leiden van de pijn in mijn verzurende schouder.
Ik hoor dat hij opstaat. Hij loopt naar zijn kookeiland en rommelt wat in de kastjes. In de koelkast. Een la gaat open en dicht. Dan staat hij verrassend snel weer bij me. Ik houd mijn arm met mijn laatste beetje spierkracht zo fier mogelijk omhoog. Zodat hij trots kan zijn. Hij buigt mijn vinger met de kom van zijn hand en duwt mijn arm rustig naar beneden, terug op de plek van waaruit ik haar opstak.
Hij bedekt mijn ogen met een witte sjaal die ik nog niet eerder heb gezien in zijn arsenaal aan materialen die dienen om mij te corrigeren of te behagen. Het is goede stof, ik zie niets meer. Ondanks mijn aanzwellende onrust over zijn plannen, brengt het donker ook een welkome afsluiting van prikkels. Het zorgt ervoor dat ik een zekere gelatenheid voel. Overgave misschien zelfs. Hij trekt mijn linkerarm in gebogen stand omhoog en buigt mijn handpalm omhoog. Hij legt er iets op. Zwaar. Klein en zwaar. Dan pakt hij mijn rechterpols en strekt mijn arm naar de zijkant. Mijn rechterhandpalm draait ook omhoog, hij legt er iets op. Licht. Groot en licht. Het is geen netjes uitgebalanceerde yoga-pose maar ik begrijp waar hij naartoe wil. Het is stil. Ik vermoed dat hij een moment geniet van zijn creatie: een vrije vorm van Justitia.
“Ik luister,” zegt hij dan zacht.

Losse woorden fladderen door mijn gedachten maar vormen geen logische volgorde op hun weg naar mijn mond. Waar begin ik? Hoe begin ik? Wat wel en wat niet?
“Isabel.”
Hij verliest zijn geduld. Nu al. “Ik wacht.”
“Ik was in een casino. En Sofie werd ziek. Maar dat wist je al.”
Met verbazing hoor ik de zinnen uit mijn eigen mond rollen. Het is er uit zonder nadenken.
Ik voel zijn uitademing langs mijn linkeroor strijken. Hij is erg dichtbij.
“Jij durft,” sist hij zachtjes, pakt het zachte object van mijn rechterhand en loopt naar de keuken.
De kraan loopt. Ik houd mijn hand netjes omhoog gericht, wachtend op zijn terugkeer. De knoop van mijn blinddoek wordt met een ruk strak naar achteren getrokken, mijn hoofd volgt automatisch en ik moet mijn uiterste best doen om de rest van mijn lichaam in de opgedragen houding te houden. Met een stevige beweging haalt hij iets zachts en doorweekts langs mijn lippen. Straaltjes sijpelen langs mijn kin en hals en rollen door naar de ruimte tussen mijn borsten, het kietelt. Mijn hersenen hebben even nodig om de zalvige smaak thuis te brengen en zodra ze de juiste associatie hebben gevonden sporen ze mijn keel direct aan tot opstand.
Zeep. Ik kokhals en in een reflex gaat mijn lege hand naar mijn mond om het schuimende spul weg te vegen. Hij stopt met zijn actie en grijpt mijn pols.
“Netjes blijven zitten,” commandeert hij.
Ik spuug de zeep met korte stootjes over mijn lippen naar buiten. Hij tikt hard tegen mijn wang.
“Stop daarmee.”
Hij buigt mijn rechterhand weer in positie en legt de natte spons terug op mijn handpalm.
“We beginnen opnieuw, Isabel. Ik luister.”

Ik voel boosheid opkomen. Niet helemaal terecht misschien, maar het irriteert me mateloos dat hij twijfelt aan mijn woorden. Daar heeft hij toch helemaal geen reden voor? En zo erg was het allemaal ook weer niet. Ja, dat ik erover gelogen heb misschien, maar ik heb me vanavond verder keurig gedragen. Waarom dramt hij zo door? En dan die góre zeep. Ik voel hoe een traan onder de blinddoek door over mijn wang rolt. Ik ben dit pad ingeslagen, dus volhouden nu. Als ik nu toegeef dat ik dingen niet heb verteld dan wordt dat een veel groter issue dan waar de gebeurtenissen van de avond om vragen.
“Ik weet niet wat je denkt dat er is, maar ik heb je verteld wat er is gebeurd. Sofie werd ziek en ik ben direct naar jouw huis gekomen toen ik haar in de taxi heb gezet.”
Mijn stem klinkt boos, hoor ik. Het is stil. Ik ben benieuwd.
“Isabel, ik ben er ongelooflijk klaar mee,” zegt hij resoluut.
Nou ik ook, denk ik dwars, maar durf het niet hardop te zeggen.
Hij pakt mijn polsen en trekt me omhoog. Spons en voorwerp vallen met een plofje op het kleed. Ik voel iets hards tegen mijn taille duwen en voel dan dat ik van de vloer word getild. Ik hang, volgens mij over zijn schouder, terwijl hij zijn appartement inloopt. Het is moeilijk oriënteren waar hij heengaat, ondersteboven en met blinddoek. Het komt even in me op om tegen te stribbelen. Maar zijn arm ligt stevig rond mijn bovenbenen, ik schat mijn spartelkansen niet al te gunstig in. Voordat hij me terugzet op de grond, schuift hij mijn hakken van mijn voeten.
De vloer is koud en hard onder mijn tenen, volgens mij voel ik de rand van een tegel. Een daverend geluid klikt als aankondiging van een enorme plens ijskoud water die over mijn naakte bovenlichaam en strakke broek klettert. Het is niet te harden zo koud, ik probeer om onder de stralen uit te stappen, maar hij duwt me hardhandig terug.
“Staan blijven jij!”
Ik hoor mezelf gillen 'Stop! Stop!' maar hij reageert niet en duwt me bij elke poging om onder het water uit te komen terug naar het midden van de douche. De witte blinddoek is kletsnat, mijn mascara prikt in mijn ogen en de stof van mijn broek plakt aan mijn huid als ik me uiteindelijk overgeef aan het water en de kou. Hij ziet dat het klaar is.
“Laatste keer, Isabel. Wat heb je me te vertellen?”
Ik praat luid om boven het geluid van het water uit te komen. Dat Sofie niet ziek was, dat ik haar even kwijt was. Dat ik bij de roulettetafel stond. Dik aan het winnen was. Steeds drankjes kreeg. Vergat om hem te berichten. En toen dacht dat het slimmer was om te verzinnen dat ze ziek was. Het is eruit. Mijn lichaam trilt met kleine schokjes van de kou.
“Kleed je uit,” zegt hij en draait de kraan dicht.
Ik probeer de volgezogen stof langs mijn benen te stropen en over mijn voeten te trekken. Het kost me ongekend veel moeite om het enigszins elegant te doen. Ik haak mijn vingers in mijn stringetje, maar hij raakt mijn hand licht aan om me tegen te houden. Mijn ondergoed en blinddoek blijven aan. Blijkbaar.
“En dan nog glashard volhouden als ik je de kans geef om eerlijk te zijn.” Aan de toon van zijn stem hoor ik dat het een lange preek gaat worden.
“Het spijt me…,” begin ik zachtjes en ik voel de oprechtheid van mijn verontschuldiging tot diep in mijn buik.
Voordat ik mijn zin kan vervolgen om hem uit te leggen dat ik zelf ook helemaal niet wil liegen legt hij zijn vinger op mijn lippen.
“Stil nu en luister,” zegt hij zacht. “want dit is een serieuze zaak. Er is geen ruimte voor leugens tussen ons. Dat past niet, dat wil ik niet en dat sta ik niet toe.”
Vocht raakt mijn lippen, ik proef het, zilt. Huil ik?
“Ik wilde niet tegen je liegen,” begin ik “Echt niet. Ik weet niet waarom ik het deed. Het spijt me zo.”
Met een snelle beweging ontstrikt hij de sjaal. De witte stof is zwart geveegd van mijn -duidelijk niet waterproof- mascara.
“Stil!” zegt hij streng. “Eigenlijk zou ik een taxi voor je moeten bellen en je naar huis sturen.”
Hij klinkt afstandelijk. Teleurgesteld. Een schok gaat door mijn maag, het maakt me misselijk. Hij staart me aan. Lang genoeg om ruimte te geven aan de wirwar van gedachten in mijn hoofd. Ik ben te ver gegaan. Ik ben écht te ver gegaan. Ik mag niet liegen. Hoe klein het leugentje ook is. Ik wil dit niet. Niet die afstand. Niet die kille blik. Misschien heb ik het wel voorgoed tussen ons verpest. De laatste gedachte maakt opnieuw tranen aan, ze rollen in een verrassend tempo langs mijn wang. Hij pakt mijn kin en veegt het vocht van mijn wangen.
“Kom,” zegt hij dwingend en trekt me mee naar zijn werkkamer. “Tijd voor straf. Echte straf dit keer, Isabel.”

Hij buigt me over zijn bureau en bindt mijn polsen op mijn rug bij elkaar met de witte sjaal.
Als hij een rietje voor me houdt en er zacht mee op zijn hand tikt, huiver ik. Ik ken zijn stijl en weet hoe hij me hiermee gaat treffen. En ik weet ook hoe ik elke striem verdien en het me weer dichter naar zijn goedkeuring zal brengen.
Ik kijk hem aan en knik.
Geef het me.



 

reintoch
Oppasser

Bericht Nummer: 417
Aangemeld: 02-2002


Beoordeling: nog geen
Stemmen: 0 (Waardeer!)  

Gepost op dinsdag 05 november 2013 - 01:38 pm:       

echte straf


Wow Isabelle,
Ik zag al eerder mooie verhalen van je voorbij komen, maar deze is wel heel bijzonder.
En omdat dat nog niet eerder is opgemerkt, een reactie.

Voor een meester (zoals ik) is het altijd spannend èn lastig om echte straf te onderscheiden van liefhebbende straf. Liefhebbende straf deel je uit omdat je je sub wil laten weten dat ze je subje is. Dat ze dat voelt. En daarvan geniet. Aanleiding zijn dingen die je eigenlijk niet zo erg vind, en dat weet ze. Klaarkomen zonder toestemming bijvoorbeeld. Of een ritueel vergeten...

Maar soms is er iets wat je echt niet wil. Je vindt dat ze echt straf verdient. Dan krijgt ze een echte straf.
Een heel belangrijke wet is dat ik volstrekte eerlijkheid verlang. Zonder eerlijkheid kun je geen goede meester zijn. En echte leugens of leugentje om bestwil ... Binnen een SubDom relatie bestaat er geen verschil.

En juist die overtreding heb je prachtig verwerkt in een verhaal, Isabelle.
Haar worsteling om na haar eerste leugen die op te biechten. Vooral nadat er om eerlijkheid, om opbiechten gevraagd wordt. De twijfel: wat weet hij? Maar ook: eigenlijk doet dat er niet toe. Als ik eerlijk ben naar hem, ben ik pas eerlijk naar mezelf.
Wat een prachtige innerlijke strijd. En hoe hij haar steeds daarin wat verder brengt.
De bastard. Hij kan natuurlijk best direct zeggen wat hij denkt. Haar voor het blok zetten. Maar hij speelt het spel subtiel. Heel subtiel.

Ik wenste dat mijn sub niet zo braaf was, zo eerlijk. Als je dit leest meisje: probeer het maar eens - een leugentje om bestwil. Is dat nou zo veel gevraagd?


      billekoek           zijn hand op haar bil          gedeelde pijn      



Een verzoek!
Deze site is bedoeld voor discussies/verhalen/vragen/weetjes die wat langer blijven staan.
We willen jullie daarom vragen:
  zorgvuldig te zijn in het opstellen van een reactie.
  kijk even naar de opmaak.
  corrigeer type- en spelfouten
      (een eenvoudige spellingscontrole verschijnt bij de voorbeeldweergave).
  en maak gebruik van de vele opmaak mogelijkheden.
  Echt: het is niet ingewikkeld.
  En wist je dat achter de   button een heleboel verschillende     zitten?


geef hier je reactie op het verhaal en/of op de commentaren van anderen
Je Onderwerp:

Vermeld hier onderwerp, of kopje, of samenvatting, of blikvanger van je reactie.
Je reactie:
Gebruik Opmaakbuttons
Selecteer tekst en klik op de button
of: klik 1 maal voor begincode en nogmaals voor sluitcode
Voor uitleg van de buttons: glij er overheen met je muis
Vet Cursief Onderstrepen maak tekst heel klein maak tekst klein maak tekst groot maak tekst extra groot centreer maak een lijst met bullets maak een genummerde lijst
voorbeelden van de beschikbare fonts + instructie opmaak hulp: geeft uitgebreide uitleg -ook van diversen- plus extra mogelijkheden!
onderstaande buttons geven direct resultaat (selecteer dus geen tekst!):
een kop maken: vet + groot (geen tekst selecteren) plaats je e-mail adres (geen tekst selecteren) Maak een hyperlink (geen tekst selecteren) Voeg clipart plaatje toe (geen sluitcode!) trek een lijn (geen sluitcode) maak wit/spatie (geen sluitcode!) maak een dichte bullet (geen sluitcode!) maak een open bullet (geen sluitcode!) maak een vierkante bullet (geen sluitcode!) maak een een curren - een soort bullet (geen sluitcode!) maak het copyrightteken (geen sluitcode!) { voor gebruik BINNEN opmaakcode (geen sluitcode!) } voor gebruik BINNEN opmaakcode (geen sluitcode!)  ECHTE komma: voor gebruik BINNEN opmaakcode van een TABEL (geen sluitcode!)

Inlognaam: Gebruiksaanwijzing:
Geef je Inlognaam en Wachtwoord.
Aanmelden is verplicht, kostenloos en heel eenvoudig!
Maak gebruik van de vele opmaakbuttons hierboven!
Wachtwoord:
Opties: Je mag HTML opmaakcode in je bericht gebruiken
Activeer eventuele links in je bericht
Actie: