Spanking Forum » Verhalen Forum » verhalen van subjackt » Oorlogsbuit
« Vorig verhaal Volgend verhaal »

 

Een verhaal van:  
subjackt


  Bevlogen lid


Beoordeling: 
Vind je dit verhaal erg goed
of juist niet
geef dan hier je waardering:
 (Waardeer!)
Aantal waarderingen tot nu toe: 2

Gepost op vrijdag 31 december 2010 - 01:50 pm:       


Oorlogsbuit



Mijn uitleg van de uitspraak



1.
Korporaal Eerste Klas, legernummer 148247346, zocht voor de zoveelste keer of zijn vingers knopen konden vinden. Hij wist dat hij zich in een huis bevond, mogelijk een garage. Hij wist niet hoe lang hij al vastgebonden was, hoe laat het was, en of het nog steeds Dinsdag van de Overwinning was. De juten zak om zijn hoofd was zo goed dichtgebonden dat hij niet kon uitmaken of het licht of donker was. Misschien was het al woensdag.
Het was al weer een tijdje geleden dat zijn lichaam opgeschrikt was door mitrailleurvuur. Het geratel was zoetjesaan verder van hem verwijderd geraakt. Waarschijnlijk waren zijn makkers wel de voorsteden voorbij gekomen en vochten ze nu ver weg in het centrum een strijd op leven en dood. Hij dacht aan zijn peloton. Zijn wangen werden warm van schaamte in het besef dat hij ze in de steek gelaten had. Of had hij gewoon botte pech gehad? Net als Roger en Elias had hij niks anders gedaan dan het bevel van de Sergeant-Majoor opvolgen. Ga de smalle zijstraatjes in en kijk of je sporen kunt vinden van guerillastrijders.

Patrick herinnerde zich de sceptische blik van Roger. “U bedoelt dat we in ons eentje die kleine straatjes in moeten?”
De woorden die Roger sprak, klonken als neiging tot insubordinatie. Zo scheen Sergeant-Majoor Walker het ook op te vatten, want hij overlaadde Roger met grauwen en snauwen. Wat of hij wel niet dacht. Aan wie dacht hij nu op dit moment, aan zichzelf of aan de veldtocht van onze Leider?
“Juist in het belang van de veldtocht van onze Leider zou ik willen voorstellen dat we in koppels van twee die verraderlijke straatjes doorzoeken…” sprak Roger kalm.
Hij was al 25 jaar oud en de sergeant was net 20. Maar de Sergeant-Majoor had vier strepen op zijn bovenarm en Roger maar drie. Even leek het alsof Walker zijn mitrailleur zou opheffen om zijn mindere standrechtelijk te executeren. Toen koos Roger eieren voor z’n geld. Hij riep Elias en Patrick bij zich en drukte hen op het hart dicht bij de huizen te blijven.
“Word geen doelwit van de sluipschutters,” sprak hij ernstig.
Elias, vorige week 19 geworden en Patrick, 18 jaar en 10 maanden, knikten al even ernstig.

Zodra Patrick in z’n eentje was en van de hoofdweg af geraakt, gierde de adrenaline door zijn lijf, ook al was het doodstil in het voorstadje. Juist omdat het zo onnatuurlijk stil was, besefte hij, terwijl hij het geluid hoorde van zijn eigen kistjes op kinderhoofdjes, en het gevoel had dat dit het geluid was van een onbekende vijand die hem achtervolgde. Bij het oversteken van een marktpleintje bleef hij zo dicht mogelijk bij de donkere gevels van de winkels. De meeste winkels hadden ingeslagen ruiten vanwege de plunderingen van vorige week, een gevolg van het vallen van de regering. Oorlogsdreiging zette ook hier de democratie onder zware druk. Hier waren nog steeds veel mensen die dachten dat het buurland, ondanks de vijandige retoriek van hun Leider, uiteindelijk weer zou kiezen voor economische samenwerking. Maar er was ook een groeiend aantal mensen dat dacht dat de voortdurende verwijzingen naar de situatie van 1830 erop duidde dat de Leider zijn buurland wilde annexeren. En zij bleken vanaf hedenochtend zonsopgang gelijk te hebben.
Net buiten het centrum bereikte Patrick een roadblock, een ouwe tank omringd door prikkeldraadversperringen. Bij de tank was niets of niemand te zien. Hij aarzelde. Zou hij teruggaan of zou hij rechtsaf gaan, een straat met rijtjeshuizen in? Dan kon hij later weer rechtsaf zodat hij het centrum via een andere route dan daarnet nogmaals kon doorzoeken.

Nu, nu hij hier op zijn harde houten stoel zat met alle tijd om na te denken, schroeide schaamte zijn wangen en maakte zijn ogen vochtig. Achteraf was het wel heel erg logisch dat er in dat straatje een hinderlaag was. Een roadblock dat alle wegen naar de buitenwijken afsloot behalve één, hoe had hij zo naďef kunnen zijn toch dat straatje in te gaan? Hij herinnerde zich opnieuw de schrik bij het horen van laarzen achter zijn rug, het kippenvel bij het besprongen worden door het vermoeden dat hij binnen nu en drietiende seconde neergeknald zou zijn. Hij keek om en zag iemand in het groenige uniform van de vijand middenin de straat staan, zijn geweer priemend in Patricks richting. Hij wilde het op een lopen zetten, al had hij geen idee waarheen, maar toen hij voor zich keek en ook daar de vijand ontwaarde, twee personen met zo’n priemend geweer, liet hij zijn eigen mitrailleur zakken.
“Ik geef me over,” had hij geroepen in de taal van het land dat hij had willen annexeren, gevolgd door: “Schiet me alsjeblieft niet dood.”
Het was maar goed dat de Leider zijn woorden niet hoorde, want hij haatte lafhartigheid zo mogelijk nog meer dan buitenlanders en intellectuelen.

De soldaten omringden hem. Patrick slaakte een kreet toen een juten zak over zijn hoofd getrokken werd. Hij werd geboeid door iemand met dunne vingers in dikke handschoenen en hij werd meegevoerd. Vuisten in zijn rug maanden hem tot spoed en handen op zijn schouders trokken hem de juiste kant op. Ze gingen één van de huizen binnen. Een gang door, een kamer door, en daarna waarschijnlijk een keuken door, want er lag zeil op de vloer, en één van de soldaten raakte iets aan wat klonk als in een afdruiprek vol met rinkelende vaat. Aan het eind van de volgende ruimte (bijkeuken?) was een deur die knarste. Daarna klonken voetstappen holler en leek de ruimte groot. Hij werd tegenhouden, recht- en stilgezet. Zijn schouders werden gegrepen door één paar handen, waarna hij een ander paar handen voelde die hem fouilleerden. Zijn pistool en zijn mes werden gevonden.
Er werd hem gevraagd of hij nog meer wapens had, een schelle stem dichtbij zijn oor. Tot Patricks verbazing was het een vrouwenstem. De soldaat die hem vasthield en in bedwang hield als hij te veel bewoog, zei dat ze hem beter zijn kleren konden uittrekken, want dan wisten ze zeker dat hij nergens nog wapens verborgen hield. Ook een vrouw. Haar stem leek wel een beetje op zijn moeder, dacht hij, voor er aan hem gerukt en getrokken werd tot hij voorbeeldig stil stond. Iemand hurkte om zijn soldatenkistjes los te maken. Door de vrouw met de stem die bij nader inzien totaal niet op zijn moeder leek, werd hem wel een keer of vijf, zes medegedeeld dat hij ervan zou lusten als hij zou proberen te schoppen.
“Wij zijn met z’n drieën en jij maar in je eentje,” herinnerde ze hem. “Denk niet dat je ons aan kunt…”

Waren de handen die zijn uniformjas losmaakten de handen van een man of van een vrouw? Hij besloot om het te vragen. Meteen werd er aan zijn bovenarmen gerukt en werd er pijnlijk in geknepen. De vrouw die hem ook best in haar eentje in bedwang kon houden, beet hem toe geen vragen te stellen.
“Van mij mag hij het best weten,” zei de vrouw die hem zijn uniformjas inmiddels helemaal uitgetrokken had.
Ze drapeerde hem bovenop zijn handboeien. Zijn hemd werd beklopt en onder zijn oksels werd hij door lange dunne vingers betast. Patrick zuchtte mismoedig toen zijn broek losgemaakt werd. Toen die op zijn enkels lag, werd ook zijn onderbroek beklopt.
“Zou hij hier wapens hebben?” vroeg de vrouwenstem, waarna de handen die bij de stem hoorden, zijn kruis aanraakten.
De derde soldaat, met de schelle stem, giechelde.
“Als die bobbel een wapen is, dan is de rest niet veel soeps,” zei ze, en ze begon te proesten.
De zoekend tastende handen stelden de vorm en omvang van zijn geslacht vast, stelden vast dat er onder zijn ballen of achter zijn lul niks vastgemaakt zat en stelden vast dat hij een stijve kreeg van op een dergelijke manier aangeraakt worden.
“Of hier misschien?” vroeg de stem.
Patrick begon verzet te bieden zodra er aan zijn armen werd gesjord. Als reactie werd één arm op zijn rug gedraaid.
“Als je het zo wilt, mag dat ook hoor,” sprak de vrouw die sterker was dan hij dichtbij zijn oor.
Ze draaide zijn arm tot aan de rand van de pijngrens. Patrick liet zijn lichaam helemaal slap worden en werd vervolgens omgedraaid en opnieuw bij zijn armen gepakt.
“Zouden hier misschien wapens zijn?” vroeg de vrouwenstem, zo verleidelijk als een vrouwenstem kon wezen.
Een vinger prikte in Patricks anus, zo hard dat hij door zijn onderbroek heen, een klein stukje gepenetreerd werd, een klein stukje van een vingerkootje.
“Alsjeblieft,” steunde Patrick. “Doe me geen pijn,” waarna hij voelde dat zijn lul uit zijn onderbroek puilde, wat de vrouw die pal voor hem stond en zijn armen vasthield, ongetwijfeld kon zien.
“Wees maar niet bang, jochie,” hoorde hij haar zeggen, voor ze Patrick eventjes pesterig tegen zich aandrukte, zijn stijve lul tegen het stugge uniform van de vijand, net lang genoeg om iets te voelen van de warmte van het lijf eronder. “Wij hebben geen tijd om ons met jou bezig te houden, want wij moeten terug naar onze positie. Maar we gaan er wel voor zorgen dat jij niemand van de onzen per ongeluk kunt doodschieten.”

Patrick werd naar achteren en opzij getrokken en zijn billen landden en op het harde hout van een stoel. Dat was de stoel waarin hij inmiddels een onbestemd aantal uren zat, met door touwen half opengezette dijen, en met een hart vol onrust wachtend op de dingen die komen gingen.

2.
“Is daar iemand?” vroeg Patrick.
Achter de juten zak was wat hij zei nauwelijks verstaanbaar en werd het volume, toch al benepen, gedempt tot gemurmel. Hij zat stilletjes op zijn stoel, zich er pijnlijk van bewust dat zijn armen door touwen als verdedigingswapens uitgeschakeld waren. Hij hoopte dat de deur die hij onmiskenbaar had horen piepen, was opengemaakt door mannen. Van de gedachte dat het vrouwen waren die hem nu konden zien zitten, raakte zijn onderbroek vol, en die wetenschap beschaamde hem.
Hij verstijfde toen hij een hoog, rinkelend geluid hoorde. Een ketting, dacht hij. Even later hoorde hij gekraak van hout. Het duurde even voordat hij het geluid thuisgebracht had. Op dat moment rinkelde de ketting opnieuw. Patrick begreep dat iemand een trapje beklommen had en nu de ketting bevestigde, ergens aan het plafond van de ruimte waarin hij was, en die andere persoon ook. Het rinkelende geluid herhaalde zich nog een paar keer, waarna de persoon die kettingen ophing waarvan Patrick het donkerbruine vermoeden had dat ze wel eens voor hem bestemd konden zijn, het trapje afdaalde.
“Wie bent u?” vroeg Patrick. “Wat bent u met me van plan?”
Hij slaakte een kreet toen hij pijn voelde. Hij was tegen zijn schenen geschopt door de stompe punt van een soldatenschoen.
“Geen woord meer,” klonk het.
Mannenstem. Er was dus nog iemand? Of was het dezelfde persoon als die van de kettingen? Nee, dat kon niet, want die persoon was amper de laatste tree van het trapje af toen hij die schop kreeg.
Hoe kon het zijn dat hij die tweede persoon helemaal niet had horen binnenkomen?

Patrick zat zo stil hij kon, banger dan ooit. Hij verbeet de pijn in zijn scheen. Hij waande zich omringd en bespied door talloze soldaten in vijandig uniform, die hij allemaal niet had horen binnenkomen.

Zijn stoel kraakte vanwege de schrikbeweging die hij maakte toen hij worstvingers in gladde handschoenen voelde, vingers die de touwen waarmee hij gebonden was, losmaakten. Hij stond pas op uit zijn stoel toen hem dat bevolen werd, door dezelfde man die hem zonet vermaand had. Zijn rechterschouder werd gepakt en vervolgens ook zijn linker. Twee man.
Hij was stram vanwege het lange zitten, merkte hij, toen hij liep in de richting die de handen hem stuurden, zijn blote voeten onwennig bij elke stap op de gladde, nogal kille houten vloer. Hij had zin om te vragen hoe laat het was en welke dag het was, maar hij durfde niks meer te vragen. Zodra de handen aan zijn schouders trokken, stond hij stil. Met een droge snik voelde hij dat zijn polsen gepakt werden. Ze werden half de lucht in getild. Hij voelde leren banden. Hij voelde vingers die de banden vastgespten rondom zijn polsen. Hij voelde kippenvel, want de vingers van de derde persoon waren erg dun en voelden zacht.
Hij voelde eeltige handen langs zijn kuiten strijken. Zijn enkels werden vastgepakt en verschoven. Zijn tenen wiebelden toen ze metaal voelden. Pas toen hij ook een touw voelde, besefte Patrick dat het een ring was, verzonken in de vloer. Nadat het touw aan de ring bevestigd was, werden zijn enkels ermee vastgebonden. Hij kreunde toen het touw strak getrokken werd, en nogmaals toen het touw nog strakker getrokken werd. De knoop werd gelegd.
“Nu hij weerloos is, mag hij zien waar hij is,” sprak een stem die Patrick herkende.
Het was de vrouw die hem eerder zijn uniform uitgetrokken had, de vrouw aan wier vingers hij in de eenzame uren van het ongewisse wachten, onwillekeurig had teruggedacht, steeds weer opnieuw. Het touw waarmee de juten zak om zijn nek en hals vastgemaakt was, sprong los. Toen de zak van zijn hoofd getrokken werd, knipperde hij tegen het oranje-achtige licht dat het gezicht en de loshangende blonde haren bescheen van de vrouw tegenover hem. Ze stond hem rustig te bekijken met haar handen achter haar rug. Hij staarde haar aan. De koelte in haar blauwe ogen maakte hem bang. Haar schoonheid ook.
“Jullie kunnen wel gaan,” sprak de vrouw.
Zwijgend sloeg ze Patrick gade, terwijl twee paar kistjes lawaai maakten op de houten vloer, totdat een deur ergens achter zijn rug open- en dichtgegaan was.

“Ik ben Eva,” zei ze toen. “Wie ben jij?”
“Korporaal Eerste Klas, legernummer 148247346,” zei Patrick, zo dapper als hij kon, maar hij hoorde, net als dat Eva dit hoorde, een hese kikker in zijn keel zijn angst verraden.
Er verscheen een lachje op haar bleke engelachtige gezicht, dat even snel verdween als dat het was gekomen. Ze liep naar Patrick toe. Haar vormloze legerbroek had ze verruild voor een Schotse rok en donkere kousen. Haar wijde legerjas had ze verruild voor een strakke zwarte coltrui.
“Ik zal er niet geheimzinnig over doen,” sprak ze. “Mijn opdracht is om jou aan het praten te krijgen.”
Patrick merkte dat ze haar soldatenkistjes verruild had voor schoenen met stilettohakken, want met die hakken streelde ze Patricks vastgezette schenen en kuiten. Op het moment dat hij ophield met proberen te vluchten voor die hakken, zich overgaf aan het gevoel dat het strelen hem gaf, prikte ze hem met de punt. Patrick gaf een schreeuw.
“En jij zult ondervinden hoe goed ik ben in dit soort opdrachten, legernummer 148247346,” sprak Eva, waarna er wederom zo’n vluchtig lachje op haar engelachtige gezicht te zien was.
Patrick zag dat Eva haar lippen felrood gemaakt had. Hij zag ook dat ze haar haren geborsteld waren, het wervelde in lange krullen rondom haar gezicht, dat ze wellicht bepoederd had, zo bleek was het.
“Ik heb u niks te zeggen,“ mompelde Patrick, waarna hij vervaarlijk met zijn ogen knipperde.
“Jouw peloton is ver weg,” raadde ze zijn gedachten. “De oorlog is verder getrokken, maar jij bent achtergebleven.”
Eva’s hand kwam eindelijk achter haar rug vandaan. Ze pakte zijn hemd. Patrick voelde het stanleymesje wat ze in haar hand verborgen gehouden had, in de stof prikken. Het gaatje wat ze maakte, bleek zijn tepel en tepelroos bloot te leggen.
“Jij bent van mij,” zei ze. “Net zo lang totdat je jouw verzet opgeeft en spreekt.”
Ze pakte Patricks tepel. Ze staarde hem aan terwijl ze kneep. Ze leek intens tevreden toen hij een kreet van pijn liet horen.
“Wat wilt u weten?” fluisterde hij, de wanhoop nabij. “Ik weet helemaal niks wat voor de oorlog van belang kan zijn….”
“Ik wil in ieder geval weten wat jouw naam is,” zei Eva.
Haar stanleymesje wees naar Patrick. Het flakkerende oranje licht, dat van kaarsen leek te komen die dan ergens achter Patricks rug brandden, weerkaatste in het lemmet. Patricks lijf sidderde, maar ze bleek het niet op zijn huid voorzien te hebben. Ze sneed een schouderbandje van zijn hemd door.
“Vervolgens wil ik weten wat de namen en rangen zijn van de leden van jouw peloton,” zei ze.
De kettingen waaraan de leren banden hingen die Patricks polsen in bedwang hielden, rinkelden toen ze ook het andere schouderbandje van zijn hemd doorsneed. Koeltjes bekeek ze zijn vrijwel onbehaarde borst.
“Ik wil trouwens ook best weten in welk fitnesscentrum jij aan die spieren gekomen bent,” zei ze. Ze kwam zo dichtbij dat Patrick kon ruiken dat haar haren gewassen waren met dennenshampoo.
“Ik wil weten wat de orders van jouw peloton zijn,” zei ze, waarna ze met de punt van haar mesje in het elastiek van Patricks broekje prikte.
“Als je heel wilt blijven, zul je moeten ophouden met wrikken,” zei ze kil.
Ze wachtte tot Patrick stilstond en de neiging om te wrikken en wringen bedwongen had. Ze maakte een gaatje in zijn onderbroek. Patrick besefte dat ze een stukje van zijn lul zag en dat ze kon zien dat die stijf werd.
“En ik wil weten wat de orders van de andere pelotons zijn,” zei ze. “Wat is het doel van jouw grote Leider met deze invasie?”
Patrick voelde haar handen langs zijn heupen strijken. Haar handen namen zijn onderbroekje mee. Een stijve lul floepte eruit. Ze trok de broek een eind omlaag waarna hij via zijn knieën op zijn enkels fladderde.
“Hou je van Hem?” vroeg ze.
Toen hij niet antwoordde, zei ze dat ze er dan maar van uitging dat hij nu aan Hem dacht. Ze giechelde. Ze trad terug.
“Of denk je misschien aan mij,” zei ze. “Vind je het fijn om bij me te zijn? Vind je het fijn om niks meer te kunnen? Vind je het vooruitzicht dat ik jou pijn ga doen, stiekem opwindend?”
Toen er dikke tranen langs Patricks wangen biggelden, zei ze dat hij hier niet hoorde. Ze zei dat hij thuis had moeten blijven, thuis bij zijn vrouw.
“Waarschijnlijk is die vrouw jouw moeder,” sprak ze minachtend. “Want volgens mij ben jij amper droog achter je oren.”
“Ik ben achttien,” zei Patrick hees. “Over twee maanden word ik negentien.”
“Aha,” zei Eva. “De instructeurs die jou gedrild hebben, hebben jou verboden om je naam te zeggen, maar jouw leeftijd mag je wel vertellen. Rare instructeurs heb jij….”
Uit de zak van haar Schotse rok haalde ze een rol duct tape, en een schaartje. Patrick staarde haar wezenloos aan terwijl ze een eerste strook knipte.
“Als u wilt dat ik praat, dan…”
De blik waarmee Eva naar Patrick opkeek, smoorde zijn woorden.
“Als je murw genoeg gemaakt bent om te willen praten over de dingen die ik wil weten, heb ik dat echt wel door,” sprak ze. “Maar tot het zo ver is, heb jij mij niks te zeggen. Het enige wat je wil bereiken met woorden, is medelijden of begrip. Of allebei.”
Haar opengesperde, ongenaakbare ogen dwongen Patrick zijn lippen op elkaar te persen. Ze plakte de strook er dwars overheen. Meteen knipte ze een nieuwe.
“Medelijden heb ik met vrienden maar niet met vijanden,” zei ze, terwijl ze de tweede strook plakte. “En begrip? Een jaar of vijf geleden waren de mensen in jouw land nog vrij om te leven zoals ze wilden. En wat deden ze met die vrijheid? Een dictator via vrije verkiezingen aan de macht helpen, iemand die hen vertelt om buren die zijn leer niet onderschrijven, aan te geven bij de Geheime Politie. Iemand die zijn buurlanden aanvalt.”
Ze knipte een derde strook duct tape.
“Iemand die achttienjarige jongens de dood in wil jagen…”
Ze plakte de strook dwars over de twee stroken die ze al aangebracht had.
“Maar jij hebt geluk gehad. In plaats van te sterven, ben je in handen gevallen van een vrouw die het beste met je voorheeft.”
Haar vingers beklopten de tape goed vast. De tranen in Patricks ogen leek ze niet te zien. Pas toen ze naar hem opkeek, met in haar vingers een vierde strook tape, leek ze getroffen.
“Ja jochie, je bent een agressor. Hoe lief die ogen van jou ook smeken kunnen.”
De vierde strook tape liet Patrick sprakeloos. Datgene wat sprak, was zijn lul, die met zijn buik botste en daar een vochtig spoor trok.

3.
Eva zette het voetpedaal op de grond, tussen de halfopen doos en Patricks nerveus wrikkende tenen. De bol die ze uit de doos gehaald had, schroefde ze op het zwarte handvat dat ze vasthield. Met opengesperde ogen keek Patrick toe hoe haar stilettohak het pedaal indrukte. De bol begon te ruisen en knetteren, lichtte paarsig op, bescheen Eva’s gezicht, hals en schouders, die bloot waren nu ze haar coltrui uitgetrokken had.
“Mmm,” sprak Patrick vormloos toen die bol zijn wrikkende lijf aanwees.
Hij herhaalde zijn vormloze angstkreet alsmaar luider en langgerekter, totdat de bol zijn dij raakte, hem daar aaide. Hij hoorde Eva zachtjes lachen nadat hij, over zijn schrikreactie heen, besefte dat de pijn meeviel. Van pijn was eigenlijk helemaal geen sprake. Hij had een warme tinteling gevoeld die de haartjes op zijn dijen lieten knetteren en waaien. De warmte gloeide na nadat Eva de bol snel teruggetrokken had van zijn lijf. Ze keek hem aan.
‘Ze heeft gejokt,’ dacht Patrick. ‘Ze wil me helemaal niet martelen totdat ik bezwijk en spreek. Ze wil met me spelen.’
Hij staarde naar haar. Hij begreep nu waarom ze haar rok en coltrui had uitgedaan, alleen nog kersenrode lingerie droeg, en ook nog haar kousen en haar schoenen met stilettohakken. Hij probeerde haar lief aan te kijken toen de bol op zijn arm landde, vlak boven zijn elleboog. Bij het voelen van de warmte, haar geschenk, viel zijn hoofd tegen zijn arm. Vervolgens schrok hij zich wild, want Eva trok de bol een centimeter bij zijn arm vandaan, waardoor er een paarse vonk oversprong, en die vonk deed wel pijn. De lach die Eva nu liet horen, klonk luider dan haar vorige.
“Oh jawel, 148247346, ik wil ook dat je pijn lijdt.”
De bol belaagde zijn armen en benen, zijn buik en zijn borst. Eva duwde om te beginnen de bol tegen zijn huid, zodat hij warme en niet onplezierige tintelingen voelde. Maar Patrick wist, zag aan de manier waarop haar ogen hem aanstaarden, dat er een moment ging komen dat ze de bol net boven zijn huid hield, zodat hij vonkte en Patrick vormloze kreten van pijn slaakte, zijn lichaam wild liet wrikken en wringen.
“Dit is nog maar het begin, lieverd,” zei ze plagerig.
Ze plaatste haar schoen op het voetpedaal en duwde één, twee, drie keer. Het gezoem en geknetter werd luider. Patrick staarde smekend in Eva’s ogen terwijl hij de bol op zich af zag komen. Hij wierp kreunend zijn hoofd in zijn nek toen hij de warmte op zijn heup voelde, minuscule haartjes voelde trekken. Hij had geen idee hoeveel pijn hem te wachten stond, vandaar dat zijn hart bonkte van angst.
“Ik ben veel te groen voor jou,” zeiden zijn betraande ogen tegen Eva, voor hij met een wilde “Mmm” de vonken voelde, pijnlijk zodat hij danste in zijn boeien, maar wel draaglijk.
De bol ging in glijvlucht langs zijn heupbeen en vervolgens weer terug naar de voorkant van zijn lichaam. Eva trok de bol terug en ze zette het apparaat uit. Het geknetter stopte. De stilte was onwerkelijk. Hij bekeek Eva’s lach en vervolgens haar lingerie. Ondanks zijn onrust die niet wilde wijken, kreeg hij opnieuw een stijve. Plotseling voelde hij de wens sterk en hard genoeg te zijn haar te kunnen behagen.

‘Okee,’ had hij tegen haar willen zeggen als hij zou hebben kunnen spreken. ‘Ik beken. Het is waar dat ik me een keer heb laten vastbinden door mijn nichtje. Ik was veertien en zij zestien. Maar het was niet eens naakt uitgekleed…’
Patrick boog zijn hoofd toen Eva uit zijn gezichtsveld verdween. Het geluid van haar schoenen op de houten vloer maakte hem bang.
‘Ze kneep me wel overal en ging daarmee door, ook toen ik angstig naar haar keek.’
Toen de schoenen stopten, sidderde zijn lijf. Hij hoorde het pedaal op de grond vallen.
“Een week geleden zaten we samen en moest ik huilen”, zei ze, “want papa zei dat dat we ons klaar moesten maken voor oorlog. Ik wilde geen oorlog. Ik wilde kleren kopen. Ik wilde vrij zijn om te gaan en staan waar ik wilde. Ik wilde tijd kunnen besteden aan mooie boeken lezen, aan theatervoorstellingen, aan wandelingen in de natuur.”
Haar apparaat knetterde. Het paars verlichtte de hele ruimte en maakte spookachtige schaduwen op de muren en het plafond.
“Mmm,” sprak Patrick toen de vonken langs zijn billen knetterden, maar vervolgens voelde hij de warmte, de warmte die hem opwond in plaats van hem pijn te doen.
“Jij bent een knecht van de man die me mijn leven af wil nemen,” sprak Eva koud. “Je had kunnen kiezen om geen dienst te nemen…”
De vonken schoten langs zijn billen en martelden zijn huid. Patrick balde zijn vuisten en klom in de kettingen tot de pijn verflauwde, weer overging in warmte.
“Nooit gedacht dat een oorlog mijn seksleven kon verrijken,” zei ze, waarna de bol opnieuw vonkte en Patrick langgerekt kreunend pijn leed.
Hij voelde zich gedesoriënteerd. De pijn die hij nu leed, kon hij hebben, maar hij besefte dat zij de tijd aan haar kant had staan. Ze kon hier uren mee doorgaan. Net zolang tot hij geen energie meer had voor nog meer pijn.

“Dit is echt nog maar het begin,” sprak Eva, nadat ze haar apparaat wederom uitgedaan had.
Ze vertelde over de elektroden die bij het apparaat geleverd werden.
“Als het contactoppervlak groot is, voel je vooral warmte en stimulerende sensatie. Je werd er geil van, 148247346, ontken het maar niet, want ik heb het gezien. Ik zie alles, dat weet je.”
Ze zei dat hoe kleiner het contactoppervlak was, hoe heviger de ervaring. Waarna ze Patrick vertelde dat er nu een Y-vormige elektrode, met twee behoorlijk dunne puntjes in haar apparaat gemonteerd was.
“Oh ja,” zei ze erbij. “We zetten het voltage ook nog een standje hoger.”

Patrick stond zo stil als zijn bonzende hart toeliet toen hij haar apparaat hoorde knetteren en wist dat de Y naar hem wees.
“Wil je al praten Patrick,” klonk haar stem. “Geef je het nu al op?”
Langzaam schudde hij zijn hoofd. Vervolgens klom hij in zijn boeien, want de elektrode was vlakbij allebei zijn billen. Vonken knetterden en brandden zijn huid. Zijn “mmm” klonk urgent en paniekerig, want nu leed hij echt pijn. Het speelkwartier was voorbij. Toen de elektrode voor even ver genoeg bij hem vandaan was om geen vonken over te laten springen, voelde hij de kettingen en touwen die hem vastgezet hielden, weer als vijanden en niet meer als vrienden zoals daarnet.
‘Eva,’ dacht hij en hij voelde zijn ogen vol tranen lopen. ‘Waarom ben je zo wreed, Eva?’
Vervolgens herhaalde zich het geknetter, de brand, de pijn. Patrick telde mee terwijl hij voor zijn gevoel alsmaar hoger in zijn boeien klom. Vijf seconden. Tien seconden. Wel vijftien seconden lang deed ze hem pijn.
“We kunnen er zo mee stoppen, als je wilt, vertel me je naam, de namen van jouw maten en de opdracht van jouw peloton… Als je dat doet, ben je vrij, 148247346. Als je dat doet, dan ben je er vanaf.”
De Y knetterde in de buurt van zijn sidderende billen, dichtbij genoeg om de elektrische wind te voelen, maar niet dichtbij genoeg om vonken te laten overspringen en brand te veroorzaken.
‘Als je dat doet, ben je een lafaard,’ dacht Patrick en hij klom opnieuw in de boeien.
‘Als je dat doet, ben je haar niet waard,’ dacht hij toen de pijn over was, maar haar apparaat bleef knetteren en dus wachtte hem nieuwe pijn.
Hij maakte een grienend geluid toen de Y in zijn knieholten prikte. Zolang hij de prik van de punten van de Y voelde, was de pijn draaglijk, was de sensatie die van een bad dat net te heet was. Maar hij wist dat ze de elektrode ging terugtrekken en hij wist wat hij dan zou moeten doorstaan. Een paar dikke tranen kropen uit zijn ogen.
‘Waarom ben je zo wreed, Eva?’ dacht hij voor de zoveelste keer, waarna hij een aantal seconden lang met niks anders bezig was dan met het doorstaan van de pijnlijke sensatie van knetterende vonken.

4.
“Ik ben toch een lieve jongen?” waren de woorden die hij sprak toen ze de tape van zijn mond getrokken had.
“Je bent de vijand,” zei ze.
Ze keerde terug in zijn gezichtsveld, haar pakje rood, haar haren blond, haar ogen koud en vreemd afwezig bij het zien van de tranen op zijn wangen.
“Ik ben helemaal niemand,” huilde hij. “Ik ben mislukt als soldaat. Ik ben gevangen genomen voor ik ook maar één vijand heb kunnen doodschieten…”
Ze stond voor hem. Ze stak een naalddunne metalen priem hoog de lucht in.
“Had je dat gewild, vijanden doodschieten?”
“Natuurlijk niet,” huilde Patrick. “Ik ben net zo goed een slachtoffer van de Leider en zijn Partij als jij.”
Haar schoen beroerde het pedaal. Het geknetter overstemde Patricks gegrien. Met een wezenloze lach zette Eva de Y die in het handvat van haar apparaat geschroefd zat, tegen haar dij. De priem die ze nog steeds in de lucht, lichtte paarsig op.
“Je weet het nog wel van de middelbare school,” zei ze. “Stroom gaat pas lopen als het circuit gesloten wordt. Nu is het circuit niet gesloten.”
Ze naderde Patrick tot op een armlengte. De priem gloeide en liet de lucht eromheen paarsig vonken.
“Er is in deze garage maar één slachtoffer, lieverd, en dat ben jij.”
Ze stak toe. Eerst martelde ze zijn tepelroosjes en vervolgens zijn tepels. De pijn was nu zo hevig dat Patrick het uitschreeuwde. Toen Eva haar arm eindelijk terugtrok, steunde hij na.
“Ik ben toch een lieve jongen?” herhaalde hij stamelend.
“Ja dat ben je,” zei Eva. “En dat is precies de reden waarom je verliest. De oorlog zul je verliezen…”
Met een rauwe kreet zag Patrick Eva’s arm op zijn kruis afkomen. De vonken knetterden langs zijn ballen.
“En ook jouw onschuld,” sprak ze, toen het geknetter over was en de pijn verflauwde.
“Misschien blijft er wel helemaal niks van je over,” sprak ze, en ze moest giechelen om die woorden.
“Misschien verbruik ik je wel. Misschien maak ik jou op tot het laatste restje.”
Ze giechelde nog eens. Heupwiegend kwam ze zo dichtbij dat Patrick haar haren weer rook. Hij rook ook nog iets anders. De geur van haar seks, besefte Patrick. De geur die bewees dat het haar opwond hem pijn te doen. Hij kreunde mismoedig toen hij haar kous voelde, zachtjes wrijvend over zijn knie. Ze plaatste de knetterende Y van haar apparaat in haar zij. De elektriciteit die haar doorstroomde, doorstroomde nu ook Patrick, elke keer als haar kous zijn lichaam liefkoosde.
Patrick kreunde angstig toen haar kous zijn lul beroerde, maar datgene wat ze hem nu aandeed was een sensatie in plaats van een marteling. Ondanks zijn angst en ondanks zijn verwarring raakte hij opgewonden. Hij kreunde zodra hij haar pakje voelde, haar borsten tegen zijn borstbeen en vervolgens haar kruis tegen zijn dijen. Hij voelde zich te hulpeloos om nog verzet te willen bieden of afweer te voelen. Radicaal gaf hij zich over aan een vrouw die hem wellicht wilde laten sterven, maar dat kon hem nauwelijks nog schelen, als ze hem voor die tijd maar een paar seconden lang wilde liefkozen. Hem warmte wilde laten voelen en geilheid.
Ze zoende hem met haar lippen die elektrisch waren. Ze bracht haar tong zijn mond binnen en zocht daarin rond, liet zijn tanden tintelen en zijn verhemelte schroeien. Ze bracht hem onder betovering en in vervoering. Tot ze plotseling stopte en weer op een armlengte afstand was. Ze drukte het voetpedaal in. Het was weer stil. Plotseling had Patrick het koud.

“Het duurt niet zo lang meer,” zei ze, toen ze weer teruggekeerd was tot vlakbij hem, maar nu met een juten zak in haar hand. “Want nu ga ik zorgen dat je breekt.”
“Hoe weet je dat?” vroeg hij, toen hij haar niet meer zag, toen hij alleen nog haar kous langs zijn knie voelde strijken, terwijl ze bezig was de zak dicht te binden, met een touw zo strak om zijn hals dat hij moeite kreeg met ademen.
“Hoe weet je dat zo zeker?”
“Tot nu toe heb je alles gedaan wat ik wilde,” fluisterde ze in zijn oor.
“Je kunt me niks weigeren,” voegde ze eraan toe, waarna Patrick begon te huiveren omdat haar apparaat aangezet was.
Nu hij blind was, was het geluid nog veel onheilspellender. Sidderend wachtte zijn lichaam op het moment dat hij ergens, op een plek die alleen Eva wist, de vonken en de pijn zou voelen.

Zijn mond viel open en gaf geluid. Ze sneed in hem, dacht hij. Met een gloeiend mes sneed ze zijn huid open, vanaf zijn oksel omlaag. Nog nooit had hij een zo hevige pijn gevoeld als nu.
“Nee,” schreeuwde hij. “Oh nee, alsjeblieft, Eva…”
“Hoe is je naam?” sprak ze.
Haar mes sneed door. Patrick verwachtte bloed te voelen, in straaltjes langs zijn lijf, maar hij voelde alleen maar pijn en hoorde wild knetterende vonken.
“Nee,” krijste hij, maar het mes sneed door.
Bij zijn heupbeen maakte het mes een bocht. Zijn kruis probeerde te vluchten, maar haar hand kwam hem achterna. Wederom vonkte zijn huid en sneed haar mes.
“Neeehee,” krijste hij.
“Patrick,” huilde hij vervolgens. “Ik heet Patrick.”
“Hoe heten jouw kameraden?” klonk het even later in doodse stilte.
Het mes was weg, maar zijn huid brandde overal waar het mes geweest was.
Patrick dreunde de namen op, alle 26, te beginnen met de Sergeant-Majoor. De laatste naam die hij noemde was de naam van Roger. Er sloop een snik in zijn stem. Hij had hem verraden. Hij had iedereen verraden.
“Wat was de missie van jullie peloton?”
“Opstomen tot de rand van de stad. Als we de vijand tegen zouden komen, schieten om te doden. Zo mogelijk kwartier maken aan de zuidrand van het Kronenburger Park en daar wachten op nieuwe orders.”
“Hoe worden orders gegeven?”
“Per telefoon,” zei Patrick. “iPhone. Het is allemaal in codetaal, maar heus, ik zweer het, ik ken de codes niet. Je kunt me martelen tot het einde van de nacht, maar…”
“Ik geloof je,” sprak Eva sussend. “Je bent ten slotte maar een Korporaaltje Eerste Klas.”

5.
Ze belde. Ze sprak het plaatselijke dialect zodat Patrick haar niet langer kon verstaan. Nog steeds brandde zijn huid, maar hij vroeg zich af of hij wel echt bloedde. Het leek van niet. Misschien dat elektriciteit ervoor zorgde dat bloed snel stolde.
“Mag de zak van mijn hoofd af?” vroeg hij schuchter, toen Eva uitgebeld was.
Vervolgens kromp zijn lijf in elkaar bij de gedachte dat Eva hem voor straf, omdat zij en niet hij hier de vragen stelde, opnieuw zou martelen met dat mes van haar.
“Alsjeblieft, Eva?” vroeg hij, zo benepen als dat hij zich voelde.
“Omdat je zo’n lieve jongen bent,” klonk haar stem opeens zo vlakbij dat Patrick er een beetje van schrok.
Vervolgens bevrijdde ze hem van de zak. Ze bleek haar schotse rok weer aan te hebben, en haar zwarte hoogsluitende coltrui. Ze hield een radertje in de lucht.
“Met dit dingetje heb ik jou tot spreken gedwongen,” zei ze.
“Was dat het mes?” vroeg Patrick ongelovig.
“Ja, zo voelt het,” zei Eva tevreden. “Als je dit dingetje combineert met een flink voltage, voelt het precies zo.”
Op dat moment kwamen er twee mannen binnen. Patrick voelde aan dat dit dezelfde mannen waren die hem klaargemaakt hadden voor Eva. Hij richtte zijn ogen naar de grond toen ze naar hem keken, want ze zagen hem naakt en hulpeloos.
“Hij heeft gepraat,” zei Eva. “Het is me gelukt.”
Ze kreeg felicitaties en ze kreeg zoenen op haar wangen. En ook op haar mond.
“Ja jongetje,” zei één van de mannen even later, toen hij wijdbeens tegenover Patrick stond. “Dankzij jouw loslippigheid is de veldtocht van jouw geliefde Leider met piepende remmen tot stilstand gekomen.”
Vervolgens moest hij lachen. Zijn metgezel bulderde mee.
“Al vroeg in de middag begonnen ze met terugtrekken,” zei hij toen. “Roepend om hun moeder renden ze terug naar hun eigen land. Dat krijgsplan van jouw grote Leider was nogal ambitieus, om het vriendelijk uit te drukken.”
“Het was van de gekke,” zei zijn metgezel. “Die Leider van jullie is volkomen geschift.”
Beiden traden naar voren. De ene hurkte om Patricks enkels los te maken, de andere ging op zijn tenen staan om Patricks polsen uit de leren banden te bevrijden. Met betraande ogen keek Patrick naar Eva, die haar nagelriemen bekeek, en een plek vond waar haar nagels vuil waren. Het verhoor was voor niks geweest. De pijn die hij geleden had, ook.
“Dat wist je natuurlijk,” prevelde hij, zo zacht dat ze het misschien wel niet kon horen, maar hij voelde dat ze luisterde, ondanks dat ze deed of hij lucht was.
“Hoe is het met de krijgsgevangenen?” vroeg Eva.
“Bijna allemaal vrijgelaten,” bromden de mannen.
Zodra Patricks ledematen vrij waren, stapten de mannen opzij. Patricks ogen zochten rond of hij ergens zijn uniform kon vinden. De resten van zijn hemd en ondergoed, die al die tijd op zijn enkels gelegen hadden, boden alleen bescherming als hij ze goed vasthield, voor zijn edele delen.
“Bijna allemaal,” sprak Eva.
Patrick keek op. Hij zag haar dichterbij komen. In haar ogen fonkelde een vuurtje. Ze heupwiegde.
Toen ze zo dichtbij was dat hij voor de derde keer de geur van haar dennenshampoo rook, week Patrick terug. Eva zette dezelfde stap die Patrick ook gezet had. Patrick week nog verder terug en Eva volgde hem, volgde hem helemaal totdat hij de deur naar buiten en de deur naar de vrijheid, in zicht gekregen had. Hij keek naar die deur.
“Bijna,” sprak hij schor, mismoedig.
Hij keek om, naar Eva. Hij voelde zich weer net zo hulpeloos als daarnet toen hij geboeid was. De resten van zijn kleren waarmee hij zijn lichaam bedekt had gehouden, vielen op de houten vloer. Hij stak zijn polsen naar voren. Ze nam ze in haar smalle handen en begon ze te liefkozen met haar smalle vingers, te bedreigen met haar roodgelakte nagels.



 

Janneman
Oppasser

Bericht Nummer: 451
Aangemeld: 03-2004


Beoordeling: nog geen
Stemmen: 0 (Waardeer!)  

Gepost op woensdag 05 januari 2011 - 02:09 pm:       

Misschien


Misschien ligt het aan het tijdstip, heer Subjackt, dat dit verhaal geplaatst werd. Ik kan me tenminste niet voorstellen dat ik de enige ben die dit wel weet te waarderen.
Opnieuw doe je iets waarover ik ook al wel eens gedacht heb: de grenzen tussen BDSM en een verhaal over marteling verkennen. Er is natuurlijk een wereld van verschil tussen die twee, maar net als bij rape is het voor sommigen wel degelijk iets om over te fantaseren. Net als bij rape gaat het dan niet om de ellende maar om de macht - of om het machteloos zijn natuurlijk.
Welnu, dat doe je mooi. Zij is net iets enger dan hij bang is, maar dat is vooral een gevolg van het feit dat zij geobserveerd wordt en we zijn gedachten kunnen lezen.
Natuurlijk blijft ook de marteling ruim binnen de perken. Sterker: het zijn dingen die ook in het spel worden gedaan. Maar dan wel met het verschil dat een spel een spel is en onze Patrick de dood in de ogen ziet.
Leuke verrassing was dat Kronenburger Park. Door die ene plaats ga je je ineens meer afvragen wie dan wie is en hoe het zit. Mooi.


Fantasie is belangrijker dan kennis - Albert Einstein


Een verzoek!
Deze site is bedoeld voor discussies/verhalen/vragen/weetjes die wat langer blijven staan.
We willen jullie daarom vragen:
  zorgvuldig te zijn in het opstellen van een reactie.
  kijk even naar de opmaak.
  corrigeer type- en spelfouten
      (een eenvoudige spellingscontrole verschijnt bij de voorbeeldweergave).
  en maak gebruik van de vele opmaak mogelijkheden.
  Echt: het is niet ingewikkeld.
  En wist je dat achter de   button een heleboel verschillende     zitten?


geef hier je reactie op het verhaal en/of op de commentaren van anderen
Je Onderwerp:

Vermeld hier onderwerp, of kopje, of samenvatting, of blikvanger van je reactie.
Je reactie:
Gebruik Opmaakbuttons
Selecteer tekst en klik op de button
of: klik 1 maal voor begincode en nogmaals voor sluitcode
Voor uitleg van de buttons: glij er overheen met je muis
Vet Cursief Onderstrepen maak tekst heel klein maak tekst klein maak tekst groot maak tekst extra groot centreer maak een lijst met bullets maak een genummerde lijst
voorbeelden van de beschikbare fonts + instructie opmaak hulp: geeft uitgebreide uitleg -ook van diversen- plus extra mogelijkheden!
onderstaande buttons geven direct resultaat (selecteer dus geen tekst!):
een kop maken: vet + groot (geen tekst selecteren) plaats je e-mail adres (geen tekst selecteren) Maak een hyperlink (geen tekst selecteren) Voeg clipart plaatje toe (geen sluitcode!) trek een lijn (geen sluitcode) maak wit/spatie (geen sluitcode!) maak een dichte bullet (geen sluitcode!) maak een open bullet (geen sluitcode!) maak een vierkante bullet (geen sluitcode!) maak een een curren - een soort bullet (geen sluitcode!) maak het copyrightteken (geen sluitcode!) { voor gebruik BINNEN opmaakcode (geen sluitcode!) } voor gebruik BINNEN opmaakcode (geen sluitcode!)  ECHTE komma: voor gebruik BINNEN opmaakcode van een TABEL (geen sluitcode!)

Inlognaam: Gebruiksaanwijzing:
Geef je Inlognaam en Wachtwoord.
Aanmelden is verplicht, kostenloos en heel eenvoudig!
Maak gebruik van de vele opmaakbuttons hierboven!
Wachtwoord:
Opties: Je mag HTML opmaakcode in je bericht gebruiken
Activeer eventuele links in je bericht
Actie: